is toegevoegd aan uw favorieten.

Brieven betreffende de beoefening der godgeleerdheid.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hiér pefchiedde de flag aan het water Kifon (Hoofdft. IV, 7. 13.) Schutters waren het, die hier byzonder in dejengtens ftreden , daar Sifera met zyne magt en zyne ftrydwagens niet uitwerken kon. Deeze engtens zyn juist de poorten, daarin, volgends de vierde regel, het Volk introk, in welke de magtigen ben leidden. Andermaal bygevolg worden beidé .Staaten genoemd, en tusfchen deeze bronnen en engtens word de plaats van den Veldflag naauwkeurig aangewezen. Hier aan Tabor werd hun Veldgefchrei gehoord, en aldaar zou in het toekomende, als by eene veelbezochte plaats eeuwig deeze togt in het geheugen blyven. Gy weet, hoe zeer by Herdersvolken, vooral in het heete Oosten Bronnen en Waterputten de verzamelplaatzen van 'het Volk zyn, om uit te rusten, en waarby Liederen gezongen , oude daden geprezen worden; en waar van kon in deeze bronryke landftreek waardiger en gcvoeglyker gezongen worden, dan van de daad, die hier gefchiedde, van het welk de ruifchende bronnen als het ware nog wedergalmden? Dat deeze verklaring waar is, wyst het vervolg aan; want nu wekt zich Deborah op, om hun als het ware het Gezang voor te dichten, den Veldflagvoor te teekenen:

Wel aan! wel aan! Deborah, Wel aan! wel aan! en dicht een Lied. Sta op, Barak, (noam. Breng uwe gevangenen voort, gy Zoon van Abi-

De