is toegevoegd aan uw favorieten.

De vrouw naar de waereld, blyspel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BLYSPEL 87

Hy vat haar hand. Kortom, verrukkefyké Vrouw! niets kan ons verhin-

ciren om tot ons wederzydsch vergenoegen ... ■ Charlotta, hem te rug ftootende en van haaf [loei opvliegende.

Ondeugende!

van Randolf. Hoe !

Charlotta, weenende.

Ach my elendige! hoe diep ben ik gevallen! hoe laag verneêrd!

van Randolf. Hoe nu! is het ernst?

Charlotta, driftig.

Weg van my, Booswigt, wiens inbeelding zelfs mynen echt en naam ontëert. Heb ik myn geld 'verloren, gy zult my mvn deugd

niet ontrooven, gelyk ge u misfchien voorfpclde. Vervloekt zy uw denkbeeld, dat ooit in my het minfte

vonkje van liefde voor ü onderftelde. Myn goedhartigheid en onbedachtzaamheid hebben uw

lhoode inzichten naar allen fchyn Tot aanmoediging gediend: maar, Wangedrogt! gy

zult in uw verwachting bedrogen zyn. Weg! uw onbefchaamd gezicht 'is yslyker voor my dan de hel... ach! met welk een fcherpe roede Teistert my het geweten! weg van hier !.. ontvlucht my voor eeuwig, of beef... ja beef voor myn woede. Zy vliegt van het Tooneel af zonder iemand te zien.

van Randolf, haar willende volgen. Wat z.ult gy doen? Mevrouw, vertoef een weinig j het was maar kortswil.

G 2 TIEN-