Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 23 )

in korten myne grimmigheid over u uitgieten, ende mynen toom tegen u volbrengen, ende u richten na uwe wegen, ende zal op u brengen alle uwe grouwelen.— Ende myne ooge en zal niet verfchoonen , nochte ik en zal'niet /paren: ik zal u geven na uwe wegen, en uwe grouwelen zullen in 't midden van u zyn: en gylieden zult weten, dat ik de HEERE ben', die /laat.— Ziet, de dag., ziet [de mor genftond] is gekomen', de morgenftond is voortgekomen, de roede hee/t gebloeit,de hovaardy heeft gegment.— Het geweld is opgereezen tot een roede der godloosheid: niets van hen en zal [overblyyen,] nochte van haare menigte, nochte van haar gedruis, ende geene klage en zal over hen zyn — De tyd is gekomen, de dag is genaakt: de kooper enzy niet blyde, ende de verkooper en bedryve geen rouwe: want een brandende toorn is over de geheele menigte van het [land.]— Want de verkooper en zal tot het verkochte niet wederkeeren, of/choon haar leven noch onder de levendigenware; overmits het gezichte, aangaande de geheele menigte van het [land,] niet en zal te rugge keer en; ende niemand en zal door zyne ongerechtigheidzynleven fterken.— Zy hebbenmet de trompetten getrompettet, ende hebben alles bereidet: maar niemand en trekt ten ftryde: want myn brandende toom is over de geheele menigte van 't [land,~] — Het zwaard is buiten, ende de pefle,ende den honger van binnen: die op het velt is, zal door 'ï zwaard Jierven, ende die in de ftad is, dien zal de honger ende de pefie verteeren. — Ende haare ontkomene zullen [wei] ontkomen, maar zy zullen op de bergen zyn, zy alle zullen zyn gelyk duiven der dalen kermende, een ieder om zyne ongerechtigheid. — Alle handen zullen flap worden; ende alle knië'n zullen heenen vlieten [als] water.— Ook zullen zy zakken aangorden, grauwen zal ze bedekken, ende over alle aanB 4 .ge-

Sluiten