Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

20 DE SCHOENMAAKER POËET;

(Hy fchryft; /Iaat daarna weder met zyn hamer op de vloer, en roept :) Tryn»

AGTSTE TOONEEL.

HENDRIK, TRYN. TRYN.

HENDR !K.

Breng dat resfie brandewyn.

TRYN.

Wat duvel! nou nog meer te zuipen? Neen maat, dat zelje niet bedruipen: Je tyd vertruijen mit een flront....

HENDRIK, naar zyn' riem tastende. Myn halsvrindin! gy maakt het bont.

TRYN , huilende. Jon beul! rk ken me niet bedwingen; 't Is of ik uit me vel zei fpringen, Zo vol is myn gemoed — vent! — vent.' As ik me niet ontzach....

HENDR I K.

Bedwing je Tryn.' je kent Dut taaije riemtje wel zou 'k denken ?

T R V N.

Had ik geen kind, ik zou je wenken, Jou rakker! — jou pojeet!

Sluiten