is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandeling over de gelykheid der menschen en de regten en pligten, welken uit die gelykheid voordvloeijen [...]. Aan welke verhandeling door Teylers Godgeleerd Genootschap, op den 6 april 1792, de gouden eerprys is toegewezen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S ER MENSCHEN". 6?

: En wy hebben gene reden om te vermoe- i. den, dat deze ongelykheid der men-DE£1, fchen, hen, die in hogeren ftand zyn, altyoffoq/i^f» I gelukkiger, eh die in lageren ftand zyn, altyd i ongelukkiger zou maken. Zyn dan de kindei ren ongelukkig, om dat zy ongelyk en onderworpen zyn aan hunne ouders, die hen teder* 1 lyk beminnen, hen opkweken, voeden, en l verzorgen ? Zyn niet de rykere en vermogeni der' menfchen vaak door dat vermogen zeiven, idoor die meerdere rykdommen, in ftaat om :den behoeftigen byftand te bieden, hen te vertroosten , en hunne noden en kommer te ver;zagten? Immers moeten wy bekennen, indien de deugd waarlyk gelukkig maakt (*), ea ide geringheid van ftaat of ftand geenzins de ;kragt en voortreffelykheid der deu-d verlamt, ja in tegendeel die dikwerf zelfs vermeerdert, ftyft en fterkt; dan is 'er ook gene re¬

iden, om de geringere lieden fteeds ongelukkiger en de magtigen en ryken altyd gelukkiger ie agten.

t)e groote Hemelwet is orde in alle dingen. Die wet, verhoogt, v er néér t, naar eisch de

ftervelingen^ Deelt rykdom aan den een, aan d'ander wysl lieiduit,

Dog zonder dat die gift in zig V geluk be* ' fluit.

En

(*") Zie ook pope Ëp. IV. doorgaans} maar voo& ! vs. 75—175. en vs. 299.

Es