Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

< 20 )

eene vfye Heerlykheid , toebehoorende aan een Noordhollanafchin Heer, die het zelf bewoont; de overige eilanden zyn meest onbewoonde grienden-, tusfchen die laatfte en de Friefche yaste kust zyn de ondiepten, die men ds Wadden noemt, alwaar het op veele plaatfen zoo droog is, dat de genen, aan wien de killen en droogtens bekent zyn, te paard van Ameland tot in Friesland kunnen ryden.

Het eiland Texel zal van het Horntje tot aan de Koog twee uuren, en tot het 's Landshuis op het Eijerland vyf uuren, gaans zyn; en de breedte van het oude Schild in het zuiden tot aan het Noordwester ftrand zal omtrenc iw^e uuren wandelens ■wezen.

Gelyk Texel omtrent één graad meer noordelyk legt dan den Haage, koomt het aangenaame faifoen er ook omtrent veertien dagen laater, zoo dat de boomen zoo veel laater uitloopen en bloeijen; maar daar en tegen blyft het in het najaar zoo veel langer groen; ik heb op dc Buitenplaats van den Heere Roozenboom eene linden - laan gezien , welJce in het midden van November noch volmaakt in haar blad ftond; ook is het in den zomer nooit zoo heet en in den winter nooit zoo koud op Texel, als meer zuidclyk; in den harden winter van den 3aare 176.5 bleef het water in de potjes van de kanarykooijen onbevrooren, fchoon dezelve hingen in een ruim falon, alwaar geen vuur geftookt wierdt, waarfchynelyk wordt zulks veroorzaakt door de falpeterachtige uitwaasfemingen van de zee , waar door het Eiland omringt wordt.

Sluiten