Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—( *4» V

Daar is nimmer eene eeuw geweest, die zich zo» zeer onderfcheiden heeft door het maken van een ijdel vertoon, als de onze. De pracht onzer huizen , de tooi onzer klederen , het brillante van onze t'zamenleving, alles isgefchikt, om in het openbaar en van verre eene fchitterende vertoning te maken. Het is , als of de waereld, weleer vervuld met ftemmige deftigheid, thands in een paleis van aardfche Godheden berfchapen ware; en, iemand die de zaak oppervlakkig bel'chouwt, zoude ongetwijfeld moeten vastftellen, dat wij veel grooter, veel rijker, veel machtiger zijn, dan onze voorvaders. Doch men bevindt, bij een nader onderzoek, dat de hed-mdagfche waereld niets anders is, dan een groot tover-paleis, welks kostbaarheden befïaan in de verhitte inbeelding des befehouwers, terwijl 'er thands veel minder wezenlijke pracht en rijkdom bij het menschdom heerscht, dan weleer. De geheele konst onzer eeuwe is, te fchitteren. De middelen, daartoe gebezigd , zijn zeer gering in zich zeiven, doch zij voldoen zoo dra zij flechts eenen bedwelmenden indruk maken op de zintuigen. Konflen, manieren, levenswijs, alles moet nu dienstbaar zijn aandien wuftcn luister, waarmede zich de menschlijke zwakheid poogt te bedekken. Eene aangematigde ftijfheid , die zomts tot onbeleeftheden overflaat, is eene aangebedene bevalligheid, zoo dra zijnde vertoning van eenen ijdelen trots vermeerdert. Eene zwierige kleding, eene kostbare huishouding , eene goede mate van qffetldlie, gepiard met eene middelmatige kundigheid van zang , fpel, dans, enz. is genoeg om in onze waereld uittemunten , en van de meeste menfchen bewonderd te worden.

Eene meer verfijnde weelde heeft de behoeften e» noodwendigheden van het menschlijk leven natuurlijker wijs moeten doen toenemen. Zints wij niet meev K 3 vol-

Sluiten