Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

So KERKELIJKE

III

BOEK II

Hoofdft. na C. G Jaar 313 tot 337

of frandaard, met het kruis getekend, (het Labet* rum,') maakte des Keizers leger onvervvinlijk. Wanneer eenig gedeelte van hetzelve door den vijand 1 in het naauvv gebracht was, werd deze banier daar[ heen gebracht, en terllond was de wanorde gelukkig herfteld. Ook had de Keizer vijftig kloeke, dappere , en godvruchtige mannen, uit zijne lijfwacht bepaaldelijk uitgelezen, die deze banier droegen en befchermden. Als ééns, bij eenen geweldigen aanval der vijanden, een fchrik, en daar uit verwarring in het leger ontitond, gaf de geen, die toen deze banier droeg, ten einde zich uit het gevaar te redden, dezelve aan een' anderover; doch, naauwlijks was dit gefchied, of hij werd door een' pijl getroffen , en Hortte levenloos neder. Maar hij, die ze overgenomen had, bleef, in eene bui van fchichten, die van alle kanten op den ftandaard gericht waren, veilig en ongekwetst, en zoo veilig waren deze vaandragers ten allen tijde.

Eindelijk, ten negenden: Daar men had moeten verwachten, dat konstantyn, op zijn gebed, om zekerheid te mogen hebben, welken Godsdienst hij behoorde te volgen, met dit wonderverfchijnzel vereerd zijnde, terftond den Christelijken Godsdienst , als den eenigen waaren, omhelsd zou hebben, om nu niet van zijne foldaten te fpreken, die mede aanfchouwers van hetzelve waren, en van welke men verders niets meer leest; evenwel, fchoon het waar is, dat konstantyn de volkomene overwinning op maxentius behaalde, welke dit teken

hem

Sluiten