Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

f

KERK EL IJ KE

III

BOEK VIII

Hoofdft. na C. G. Jaar 363. tot 476.

van GREGORIUS

van Nysfa

Was getrouwd , maar toch naderhandeenaanprijzer van den ongehuwden ftaat.

ongemerkt voorbijgegaan worden, al ware het enkel wegens fommige hoedanigheden, welke hem van zijnen Vriend en Broeder onderfcheidden, met welke hij anders, inzonderheid tegen de Arianen, voor het Kathoiijk Geloof geijverd heeft.

Deze, jonger Broeder van basilius den Grooten ( * ) , aanfchouwdc het eerfte levenslicht , in het jaar 331, of kort daar na, waarfchijnlijk te Cafarea in Kappadocië, en genoot, hoewelde berichten zwijgen, waarfchijnlijk eene gelijke geleerde opvoeding als zijn Broeder, waar van zijne kundigheden getuigenis dragen. Al vroeg echter vertoonde zich het onderfcheid van neigingen tusfchen de beide Broeders; terwijl basilius de Wereld in den Monnikenland ontvlood, geloofde gregorius haar buiten denzelven meer dienst te zullen doen. Hier aan laat ons het bcflisfend getuigenis van socrates (f) niet toe te twijfelen, dat, onder de Broeders van basilius , petrus hem nagevolgd hebbe in Monniken-Godzaligheid, maar gregorius in de Welfprekendheid. Ook trouwde gregorius met eene theosebia, met welke hij nog verbonden was, toen hij reeds het openbaar Leeraarambt bij de Gemeente bekleedde, waarom gregorius van Nazianzus, toen hij hem over hare dood vertroostte , haar de Vrouw van eenen Priester noemt (§); dat voorts dezelfde gregorius haar

der»

(*) Zié VIII Deel, Bladz. 212. (f) Hist. Ecclés. Libr. IV. Cap. 26. (§) Ep. XCV. T. I. Opp. p. 84Ó.

Sluiten