is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene kerkelijke geschiedenis, der christenen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS. 22?

de: ,, Vraagt gij ons, of wij christus van het „ Avondmaal uitfluiten ? zoo antwoorden wij: Neen! „ Maar fpreekt gij van de plaats en de verwijdering „ des menfchelijken en Goddelijken christus, zoo ,, ftellen wij: dat zijn ligchaam zoo verre verwij„ derd is van het brood en den wijn, als de hemel „ van de aarde!"

beza had naauwelijks deze woorden uitgesproken , of de Kardinaal tournon , als een andere Kajafas, en het grootfle deel der Prelaten, fprongen van hunne zitplaatfen op, en fchreeuwden: Hij beeft God gelasterd! Ja, de Kardinaal verzocht zelfs den Koning, dat hij of beza het zwijgen zou opleggen, of hem en zijnen Geestelijken toeflaan, de zaal te verlaten, beza daartegen verzocht, dat men hem, ten einde toe , wilde hooren, wanneer alles duidelijk zou worden, en de Koning hem bevolen hebbende voort te fpreken, vervolgde hij zijne rede tot het einde toe, waar na hij, nader bij den Koning getreden, denzelven de uitmuntende Geloofsbelijdenis der Franfche Kerken aanbood, het meesterltuk van calvin, welke deze op de Rijksvergadering te Frankfort (1558) aan de Duitfche Rijksvorsten deed overhandigen. De Koning beval den Kapitein der Garde, dezelve aan te nemen, en aan de Prelaten over te leveren.

Het laatfle gedeelte van beza's Redevoering was reeds onder het gemor der Geestelijken aangehoord , en door het gedruis, hetwelk zij veroorzaakten, niet verflaan. Naauwelijks had beza uitgefproken, of de Kardinaal tournon rees op, en P 2 ver*

na C. O. ut 1552.