is toegevoegd aan uw favorieten.

De republikein

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

löa De REPUBLIKEIN.

raad geene andere, dan huishoudenlijke, zaken behari* delen , en geene ftraffen, dan enkel van correctie, en dat; nog op eene wijze, welke dén Vrijman betaamt, zal lbo^en oefenen.

Èéne zaak is nü nog overig, naamlijk het vinden der kosten, waaruit zoodanig' Leger zal onderhouden worden. Die kosten bepaalen zich alleen tot de jaarlijkIche exercitiën , en de uittrekking naar de Frontierplaatfen, zoo wel in tijd van vrede, als van oorlog:' want, zoodra de nationale legermacht behoorlijk zal gevormd zijn, zullen de plaatslijke Burgerwachten zeer' gemaklijk zijn waartenemen, en dus in geene foldij komen. Zeer billijk zóu zijn de invoering van eene belasting, onder den naam van Waapen of Krijgs-penning, die meest bezwaarend moest zijn voor Mannen, die ongehuwd zijn, of geene echte kinderen aan den Staat geven, of die door eenig lichaamlijk gebrek buiten Haat' zijn te dienen, hoogst bezwaarend voor hun, die den Burger-eed zouden mogen weigeren, en geheel niet betrek lijk tot allen, die een huisgezin van 8 Kinderera hebben; welke belasting, ten einde alle voorfchotten te verhoeden, om de 3 maanden zou' kunnen ingezameld worden. Ook ongehuwde, op zich zeiven woonende, Vrouwen en Weduwen, die niet meer dan 4. Kinders hebben , zouden in deze nationale belasting behooren te deelen. Wij twijfelen geenszins, of deze last, behoorlijk ingericht, en eenvoudig ingezameld, zou zeer wel kunnen dienen, om eëne wel geordende en dienende Legermacht te onderhouden, boven af, wanneer de verzorging van mondbehoeften enz. op eenen zeer huishoudenlijken voet bepaald, en alle pracht, praal en weelde uit deze militaire huishouding ten flerkften geweerd wierd.

Zoo eenvoudig dit ontwerp is, het geen wij aan onze Medeburgers ter overweginge en verdere befchaaving aanbevelen, zoo zeer verlangen wij, dat het flrekken zal, om de algemeene werkzaamheid meer en meer op te wekken, opdat de Natie aan haare binnen-en bui-> tenlandfche vijanden eerlang met daaden toone , dat het eerfte Jaar der Bataaffche Vrijheid geene hersfenfchimmige dagteekening op openbaare Afkondigingen of Staatsrefolutiën, maar dat het de aanvang eener tijdreekening is, welke eeuwen zal verduuren.