is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaaringen der korte stellingen van Herman Boerhaave.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i D E L ON G TEER I NG.. §.1196.

Ook iss aan dezelfde ziekte de naam <p.0o? gegeven geweest; maar GaUnus (b) 'heeft deeze twee woorJcn ondeifcheiden :want hy heeft gewilt,. dat alle vermindering of wegfmelting van het lichaam teering zoude genoemd worden : maar dat door verteering verftaan wierd de verteering en vermindering van het lichaam door een zweer veroorzaakt:. intusfchen heeft hy nochtans inde reeds gedaane uitlegging van de teering gewag gemaakt van de verzwore long enz. maar Ar et eens (c) heeft een etteragtige fmet in de teering erkend, waarom deeze ziekte van vvii en<P^<nf zelfs afgeleid word, maar ook tevens heeft hy gewaarfchouwddat deeze naam te pas komt, wanneer de ziekte haare oorfprong trekt van een verzweering in de long, naar een bloedfpuwing, of een: ïangduurige hoest; maar hy heeft geboden, dat men de ziekte ■ <pja!u/ zoude noemen , wanneer de naby gelegen long uitgeknaagt word van de etter in een in de. borst of rib ontftaane gezwel vergadert.

Maar Aëtius heeft het woord teering nog nauwer beperkt(d),. dewyl hy gewilt heeft, dat men de verzweering. van de long,, welkenaar een bloedfpuwing volgt, eigentlyk teering zoude noemen., maar wanneer de long door een fcherpe zinking uitgeknaagt wierd en uitzwoor, als dan noemde hy die aandoening <pöafo/ (Ohy bekend nochtans, dat de teering ook fomtyds op het zydewée en de longontfteking volgt.

Het zal genoeg zyn dit aangaande de naam van de ziekte gewaarfchouwt te hebben; eventwel zien wy dat de geneeskundige zonder onderfcheid deeze aandoening teering, verteering, uttteering, in hunne fchriften genoemd hebben, edoch het gebruik; bepaalt voornamentlyk de kracht en de betekenis der woorden.

De teering dierhalve is een verteering van hetgeheelelichaamsceftel door een etteragtige fmet: maar zodanige verteerkig zou« de. kunnen ontüaan van allerhande etteragtige ilof, op onder-

fchei-

m Defihit. medi'car. N°. a6o. 261: Charter. Tom. II. pag. 161, Cd) De Caufis & Sign. Morb. dinturn. Lib. I. Cap, VIII. pag. 56.Cd) Lib. VIII. Cap. LXXV. pac;. 174. verfa. (è) Ibidem. Cap. LVII. pag. 167?-