Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Beknopte Hisxo

we.

De rust ir Friesland wordt ge« Itoord door de Geestelyken.

510 Tegenwoordige Staat

in het zelfde jaar, ten zynen voordeele, aan de 'Prelaaten, Grietmannen, Rechters en geheele Gemeente van Oostergo en Westergo eenen brief zond, waarin hun, op verlies van alle de rechten, vryheden en weldaaden, die hun van het Keizerryk beweezen waren, gebooden werd, Hertog Albrecht, zynen Schoonvader,als Gouverneur of Stadhouder van 's Ryks wege, aanteneemen, en dien te gehoorzaamen (§_)' Doch het eene zo wel als het andere had geen invloeds genoeg op de gemoederen der Friezen, om zich voor als nog naar den zin des Hertogs te fchikken.

Het was Friesland beoosten ■ het Vlie, federt de zege, op Graave Willem den IV\ behaald, ook juist: niet kwalyk vergaan; hebbende hetzelve, als men 'er den Bisfchoplyken oorlog tegen de Stellingwervers van uitzondert, eene taamelyke ruste genooten; en deeze zou waarfchynlyk langer geduurd hebben, zoze niet eenigzins van dien kant ware geftoord geworden, van waarze de meeste befcherming had behooren te ontvangen. De Kloosterbroeders, door hunne rykdommen verderteld, en weinig pasfende op de regels hunner orde, waren de eerden, die 't vuur van twist en verdeeldheid ontftaken: want die van Oudeklooster of Bloemkamp zonden hunne Konverfen uit om de Proostdy op het zand te Pingjum, Vinea Domim of 's Heeren Wyngaard genoemd, te berechten. Wybrand Wobbinga , een Friesch Edelman, fchoon tegen zulk eene bende ge-

-* kapte (5) Groot Charterb. van Friesl. I. D. bl. 227.

Sluiten