Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B IJ L A> O £ N, 33I

menfchen, dewijl zij onregfvaardig handelden, en hem, die op het toppunt der eer en geluk ftaan moest, op de post van een' onbeduiden-

den Vorst lieten blijven. Honderdmaalen

heb ik zelve vervloekingen over zijn lot, en betuigingen van de grootfte veragting van 't menschdom buiten hem uit zijn mond gehoord. — En ik ben verzekerd, dat uit dezen grenzeloozen, en dikwijls tot verbijstering gedegen hoogmoed, zijn raenfchenhaat ontftaan is, welke fomtijds in eene volledige woede, tegen alles wat hem in den weg kwam, gewoon was los te breken.

Sluiten