Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der KONINGEN. Hoofdd. IV.

233

in dit nieuw aangebouwde vertrek, alwaar hij lci'Icle zie»daar

0 ij neder,

zich terftond ter ruste begaf. 12. Hij was nu ys. 12. Toen

vergezeld van een Profeetiefchen leerling, die zijn jongen Gk-

hem ten dienaar verftrekte. Niet lang had hij "AZ': roe? J.e"

° ■ ze Sunamietie-

uitgerüst , of hij zegt zijnen Gehazi, da>. en ais hij-

... ■ , ... , ze geroepen

hij de vrouw van het huis verzoeken zou om had rtondz»

bij hem in zijn flaap vertrek te koomen, cn gezigt.2"" aia"

dit deed zij zonder bedenking, hoewel het

anders met de eerbaarheid, volgens de toen-

maalige denkwijs, niet wel ftrookte. 13. Eer vs.i3.(Want

wij het gefprek mcedeelen, dat bij die gele- /«LV'zegt™ tót

genheid gehouden werd, moeten wij eerst ^jjjy J$tt?j-\l

de zaamenfpraak verhaalen , welke zij met beid omtrent

„ , , , , , r. ons geweest ,

Gehazi gehad had met overleg van elisa. kunnen wij ook Gehazi namelijk had betuigd, dat hij en do"n ™?r ,c" ziin meester beide ongemeen verlegen waren jet^ voor 11 te

J 0 0 befpreken bij

over de uitneemende vriendelijkheid cn zorge, den Koning

aan hun beweezen, dat hij gaarn' wenschtte %rbÜfd" £z'ij

haar ook eenig genoegen te bezorgen, en zo '"''^ . £cq"^

zij bij den Kuning, den veldheer, of eenig «««».'.) Ut woon

aanzienelijk ftaatsdienaar iets te verzoeken had, mijn1 volk." '■»

dat zij dan toch maar fpreeken mogt, men

zou alles voor haar doen , wat moogelijk was.

Doch de vergenoegde Dame antwoordde hier

op, dat zij zeer veilig onder de burgerij woonde

en leefde van haare middelen, dus de befcherming

en gunst der grooten niet behoefde. 14. De Pro- vs. 14. Toen

feet was getroffen over die belangeloosheid en ^ >lfYm

zegt tot Gehazi, dat hij verlegen is, wel- voor haar te 0 ' J 0 ' doen? en Ge-

ke vriendfehap hij haar bewijzen zal. Gr ha- hazi had ge-

zi antwoordde hier op, dat zij alles had wat fJchge™ zoon

vergenoeging geeven kon, maar alleen dén erf o'ud,iaar man is

gennam mistte , en dien waarfchijnelijk ook

niet krijgen zou, dewijl haar man reeds op

aijn dagen was» 15, Dit had den Profeet op onWm^

? 5

Sluiten