is toegevoegd aan uw favorieten.

Reis naar den Stillen Oceaan, ondernomen op bevel van [...] George de Derde, tot het doen van ontdekkingen in het noorder halfrond.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zo* REIS NAAR DEN

IV. BOEK. I778-

April.,

gen dezelve levend in de handen zagen dragen. Het gedachtder Infecten fchynt talryker te zyn : want fchoon de tyd van hunne verfchyning Hechts begonnen was, zagen wy veeler!ei zoort van. Vlinders , doch van de meest bekende : als* Stede eenige Byen, Kruisbezie - Uilen, eenige weinige Torren ,. twee of drie zoorten van Vliegen en eenige Muggen.

Alhoewel wy hier Yzer en Koper aantroffen, meenden wy. echter dat het zelve niet eigen was aan dezeplaats. Ook zagen wy. geen oer of erts van eenig Metaal,„behalven eene ruwe roode okerachtige ftof, van welke de Inboorlingen gebruik maken om zich te befchilderen of mede te befmeeren...

De Inboorlingen • zyn, over 't. algemeen , meer dan mid-» delmatig klein van ge Halte, doch niet rank.in evenredigheid, doorgaans naar het vette hellende , fchoon niet .fterk gefpierd< Het gel lat der meesten is vol en rond, zomtyds breed en met fterk uitpuilende kaken , boven dezelve tusfehen de flagen van 't hoofd ingedrukt; de neus is boven aan plat,, met wyde ne .sgaten , en een ronde punt; het voorhoofd laag, de oogen klein, zwart en kwynend;.•-de mond rond15 met dikke lippen, de tanden, regelmatig en digt, maar niet in witheid uitmuntende. Hunne baarden en wenkbrauwen zvndun, fchraal en altoos fmal; hun hoofdhair is zwaar, dik en. fterk, zwart,.fluik en lang. De hals is kort, de armen dik, en gedrongen; in hunne ganfche gedaante hebben zy niets dat naar fehoonheid of welgemaaktheid zweemt; alle hunne. Ledematen zyn kort in evenredigheid van het overj* ge; hunne beenemz\n krom en fcheef, met breede voeten en uitpuilende enkels ; dit laatfte gebrek fchynt grootendeels te o.nftaan, uit hun gedurig zitten op hunne hurken of hielen.

De Vrouwen zyn, over 't geheel, van.dezelfde groote kleur en gedaante, als de Mannen, van welke het zeer bezwaarlyk valt haar te onderkennen, dewyl zy geene natuurlyke VrouwlyKe bevalligheden bezitten: ook zagen wy er niet eene eenige, zelfs onder de jeugdigfte, die draaglyk. fthoon.mogt heten».

Hun«-