Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

&I3 AANHANGSEL OVER

leerden opgegeeven, weinig of geen overreeding op 't gemeen gemaakt hebben, en derhalven, dat op de meeste plaatfen, niemand daar toe overhelt; maar in tegendeel, dat het gemeen, zoo 't aan hunne keuze wierde gelaaten, zich daar tegen verzetten zoude, altans niet gereedelyk verkiezen, de dooden buiten de Kerken in de opene lucht te begraven. Dit doet den Schryver oordeelen, dat de eerfte groote hinderpaal, tegen eene betere wyze van begraven, moet gezocht worden in het niet genoeg verlichtte en overtuigde Gemeen; 't welk geen deminftepooging aanwendt tot verandering, of eenige genegenheid daar toe laat blyken.

Bl. 9. hebvfy. Nopens de twee Voorwaar* den, welke de Heer Hervey vorderde, en in de Aant. (m) op bl. 9. en 10. gemeld zyn, wordt opgemerkt, ten aanzien der eerfte Voorwaarde: AU 'er zorge gedragen wordt, dat zy [te weten , cie begravenisfen der Lyken in de Kerken] geen hinder kunnen doen aan degrondfiagenvan het Gebouw. Dat zulk eene zorg noodzaaklykzy; Dit toont het voorbeeld van Hillegondsberg, een uur van Rotterdam, daar men ïn't jaar 1764. ontdekte, het fcheurcn der muuren en zakken der pylaaren van het fraaje Kerkgebouw, Wanneer 't by onderzoek bleek, dat de Doodkisten onder de pylaaren en muuren door, waren begraven , zoo zelfs, dat fommige kisten, buiten en binnen de Kerk bevonden werden. Dies men, met gelukkig gevolg, alle vermogens te faamen fpande, om eene geheele inftorting van dit Kerkgebouw voor te koomen.

En wat de tweede Voorwaarde belangt: Dat

de

Sluiten