Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FRANSCHE omwenteling» ÜSf)

Deeze is de laatste gewigtige inrigting omtrent de uitvoerende magt, welke de Heer burke in aanmerking genoomen heeft, ert zij leidt ons tot een onderwerp van eene oneindige kieschheid en moeijelijkheid, dat den vijanden van de omwenteling niet weinig heeft doen zegepraaleh, de bewerktuiging, namelijk, van het leger. Men moet het bekennen, een Leger van honderd en vijftig duizend mannen, eene Zee-magt van honderd fchepen van linie, en grenzen, dooreen honderdtal vestingen verdedigd, met het beftaan eens vrijen Regeeringsvorms overeentebrengen is een vreeslijk vraagftuk om optelosfcn. Men kan niet ontkennen dat de gefchiedenis geen een voorbeeld oplevert, waarin zulk eene groote openbaare magt niet op den Staat is teruggeftort en het gereed werktuig van krijgs- overweldiging geworden is. Zoo de ftaat van Frankrijk niet volftrekt onvoorbeeldiijk ware, en op welken deeze historiefche bewijsredenen daarom o ok niet toepaslijk zijn, of tot welken zij niet behooren, zou de

geeven als die van frederik ii. was toen hij in den zevenjaarigen oorlog in Saxen viel; het blijft egter bij veele nog twijfelachtig of het niet beter voor dat Rijk geweest ware, dat de geestdrift der natie dezelve niet hadde aangefpoord om de eerfte de wapenen te gebruiken , en of zij in een enkel verdedigenden oorlog niet ongelijk fterker zoude geweest zijn en dus meer kans gehad hebben om haare vrijheid te handhaven; wij zulien denklijk binnen weinig tijds zien ,- welke deezer twee Hellingen de uitkomst bevestigen zal. vertaaler. P 4

Sluiten