Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN L. J. G O H I £ R.

•nheilen toetefchryven zyn, die over de eerft© ©ogenblikken onzer Revolutie een treuriger! nevel verfpreid hebben, en om wat reden dezelve , in Mede van zig te verfterken en te bevestigen , voortaan geen andere flappen deed, dan om, met wankelende fchreden , agter uit te gaan.

De edelmoedigheid eenerNatie, altoos groot, zelfs tegen hem , die zig een wreed fpel maakt, van het verzaaken zyner heiligde eeden, heefc het hart van Lodewyk den zestienden niet kunnen treffen. Het erfichap van den Troon, in zyn Gellagt bewaard, dooreene Conftitutie, die alle overdraaging van perfoonlyke Privilegiën vernietigt; de geheiligde onfehendbaarheid van zyn Perfoon; een civile Lyst, die naar evenredigheid zo veel bedraagt , als de inkomften van meer dan eenen ftaat van Europa; de uitdeeling van alle genaden en gunstbewyzen; de benoeming tot alle gewigdge Posten ,-de tytel vanerflyken Vertegenwoordiger; het noodlottig vermogen , om alle de werkingen der verkoozene Vertegenwoordigers te kunnen dwarsboomen! zo veele prerogativen , (hoe verontrustende, zo de een ais de de ander, ze ook voor de vryheid zyn,) zyn door hem, aan wien zy zo onbezonnen zyn toegedaan, niet anders befchouwd, dan alsde overblyffels van een vermogen, dat hem uit de handen glipte, en waarop hy bedagt moest zyn , om het weder te krygen.

Lodewyk de zestiende zag in de Conftitutie niets anders , dan de onmeetlyke voordeden, welke dezelve hem aanbood, en de party, d:e hy 'er uit trekken kon, om totzyne oogmerken A s tt

Sluiten