Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3<24 Verklaring van het

Art. IX. In dc eerfte plaatfe diend men op het oog Staat de-te houden, dat de evengenoemde fchulden, alvilde in leen zodanige Capitalen bevatteden, die d» dat op- Generaliteit wegens agterftallen op de ConfenZ1^t' ten voor de Provinciën opgenomen hadde, en dat daaronder geenzints begrepen waren de zulke, die de Provinciën genegotieerd hadden ter Generaliteit onder guarantie van H. H.

Mog. , , Hier uit volgd dus, dat buiten

de opgenoemde huislijke of inlandfche Negotiatien, dV>ze Provincie bij de Generaliteit fchulden hadde van twederlei aard. Ten eerften dezulken, die ter Generaliteit gemaakt waren, van het jaar 1692 tot 1714, wegens de Provinciale agterftallen op de Confenten. Ten tweden, dezulke, die deze Provincie ter Generaliteit hadde genegotieerd onder guarantie van

de Bondgenoten • De eerften hebbe ik zo

even opgegeven, en over de laatften zal ik nu handelen.

Oorfpronglijk bedroeg deze fchulde 5,550,000 Gl. dan waarvan in het Jaar 1719 was afgelost 500,000 GL, zo dat de hooftfom toen bedragen zoude 5,050,000 Gl. Maar hierbij hadden de overbctalingen ter Generaliteit nog ene vermindering te wege gebragt, zo dat dezelve in het Jaar 1720 nog bedroeg 4?535'500 Cl.. - « De ftaat der Provincie was door ge-

Sluiten