Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

H H. van Alphen,

H. Geest, op eene foortgelijke wijze, moet befchouwen als den Zoon, dat is, als een Godlijk perioon, en niet als eene enkele kragt of volmaaktheid. Op deezen grond is het dan ook, dat wij dit gevoelen bevestigen, met dergelijke uitfpraaken, als ons den Heiligen Geest voordellen, in hoedanigheid, als den Apostelen den weg wijzende , of hun verhinderende hier of daar naar toe te gaan (Hand. XIII: 4. XVI: 6, 70; hen leerende wat zij fpreeken moesten (Luc. XII: 12.): maar ook inzonderheid , als dien perfoon der Godheid, tegen wien, op zulk eene wijze, gezondigd kan worden, dat de vergeeving onmogelijk is (Matth. XII: 31, 32.)" 8 JMa dat voorts geleerd is, wat het zij, dat Jefus met deezen Heiligen Geest was gezalfd , volgen 'er Aanmerkingen oVer de Drieëenheid, welke ook ten aanzien van andere verborgenheden en leerftukken van God geopenbaard, grootelijks te pas komen.

„ Gij moet" (zegt de Aucteur) altijd onder het oog houden, dat de leere van God, als Vader, Zoon en H. Geest, ons in de H. Schrift, niet als eene waarheid van bloote befpiegeling, en tot voldoening van onze nieuwsgierigheid wordt voorgedeld. Hierom moet 'er, voor ons verftand, nog veel onbeantwoord blijven; daar ons hart eene volkomene voldoening erlangen kan. Want wij mcgen ons voordellen, dat wij in den Zoone Gods onzen Middelaar en Voorfpraak hebben, die door zijnen Geest, ons tot zijnen Vader leidt, en naar zijn heilig beeld vernieuwt, op dat wij niet alleen vergeeving van zonde, maar ook der heiligmaakinge deelagtig zijnde, Gode aangenaam zonden zijn; en zoo voorbereid worden, om eens in de zalige gemeenfchap van God te worden overgebragt. Het gevolg hier van is, dat alle onze gemoedelijke zwaarigheden opgelost, alle onze hinderpaalen uit den' weg geruimd, en alle bedenkingen zijn opgeheven; dat wij, in onze diepde ellende, met vrijmoedigheid mogen toe* gaan tot den troon der genade, in God niet onzen rigter maar onzen algenoegzaamen Vader kunnen befchouwen, en 'er voor ons niets te doen is: dan te gelooven te aanbidden en te ontvangen.

„ Maar verheft zich ons verdand, dat nergens minder toe gefchikt is, dan om de wijze van bedaan'in den oneindigen en onbegrijpelijken na te fpeuren; willen wij wijs zijn boven het geen gefchreeven is; dat is, meer weeten dan God ons duidelijk heefc bekend gemaakt, dan geraaken

wij

Sluiten