Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 5'5 )

de, zouden belet worden ter beftemder tyd van huis te gaan, of de Vergadering der Vierfchaar aanhoudend te kunnen bywoonen.

Art. 18.

De beflisfing daar van wordt mede overgelaten aan het Gerechtshof, het welk de Looting zal doen.

Art. 19.

De Looting gefchiedt over alle de overige Leden, niet tot de voorfchreven uitgezonderden behoorende, zonder onderfcheid of dezelve daar by al of niet tegenwoordig zyn.

Art. 20.

Zoodra de Looting gefchied is, geeft het Hof daar van, en van de Perfoon op wien het Lat gevallen is, kennis aan den Agent van Juftitie.

Art. 21.

Indien de Perfoon, op wien het Lot gevallen 'is, mogt afwezig zyn , tragt het Hof hem daadelyk daar van kennis te geven, des noods, door het fchryven na de plaats, waar hy gegist wordt zich te bevinden.

Art. 22.

De. Leden der Departementaale Gerechtshoven , daar toe by de voorzeide Looting benoemd, vervoegen zich ter beftemder tyd en plaats, tot het formeereu der Vierfchaar.

Art. 23.

Het Lïd uit dat Gerechtshof, *t welk ter diet tyd zyn laatfte tourbeurt heeft, ïs Prrefident; en op gelyke wyze is de rang der overige Leden altyd gerigt naar het minfte getal der totilen, we'lk* het Hof, waar jiit ieder Lid beKk 3 noemt

$. iS.Wor*

ien mededoor het Hof beitst.

%. 19. De

Looting ge fchied verder over alle 8e Leden.

%. 20. Van

de uitgeJoote Perfoon kennis te geven aan den Agent.

§. at. Ook aan de Perfoonzeive,indien hy afwezig is.

§.22, Byëenkomst dier Vierfchaar.

%. 23. ördie ophet.Voorzitterfchapen den rang der Lede».

Sluiten