is toegevoegd aan uw favorieten.

Saamenspraaken over de Hebreeuwsche poëzy.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over de HEBREEUWSCHE POËZIE. 207

Palmboom, voortgekomen, wiens wortelen het water zuigen; Terwyl gy, gelyk gy wenschte, in uw nest geflorven zyt, heeft zig de wierook van het zelve allerwege uitgebreid, en heeft dikwils de onmacht verkwikt, ja zal die verkwikken tot aan het einde der tyden. ■ ■ Gy trekt den Hemel op de Aarde neder j gy legert het Hemelsch heir onzichtbaar om het bed des kranken; zyn lyden wordt een voorwerp voor der Engelen aandacht 'y een blyk van Gods liefde voor zyne Schepzelen, op welken Hy, als om zig zeiven te rechtvaardigen, en de billykheid van zyn bellier in hunne verlosfing te toonen, gunftig nederziet; want met reden dan houden wy hen gelukzalig, die verdragen; ivy hebben de verdraagzaamheid van Hiob geboord, en het einde des Heer en gezien; en wy zyn dus op nieuws overtuigd, dat de Heere zeer barmhartig is, en een Ontfermer (a).

f>) Jac. V: ir.

■* *

ZEÉ-