is toegevoegd aan uw favorieten.

Saamenspraaken over de Hebreeuwsche poëzy.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13* NEGENDE SAMENSPRAAK zien, en befchouwJe derhalven ook deze plaats hoe anders dan — als een huis Góds, dewyl God hier zo eigenlyk woonde. —. Kïiiétm nu de Engelen hier op een ladder van den Hemel neder, zo kan ook één derzelver, een Elohim in

fterkte en waardigheid, met Jacob ftryden

Hebt gy nog iets tegen deze Harder - gefchiedenisfen? —-

Alc. De groote partydigheid der Vaderen in het zegenen hunner Zoonen j Daar evenwel, de begrippen der Stammen, van deze laatfte voorfpellingen, van de zegeningen, door den mond des Vaders uitgefproken , het noodlot der «akomelingfchap afhing.

Eüt. Hoe? Hing dit af van den wil des Vaders? Was Ifaac niet zelfs partydig voor Efa„? En wilde Abraham zig niet met flmaël vergenoegen ? Hoe foartte het Jacob, dat hy zyne drie eerfte zoonen voorby moest gaan! Maar ondertussen bleven geen der drie genoemden van tvdelyke zege„ingen verftokeu: Efau trok Jacob *,S Kn V°rsC te WO** Jacob was en bleef een Vreemdeling, een Tent-bewooner. Ifmaël leefde,