is toegevoegd aan uw favorieten.

Reize door de majorij van 'sHertogenbosch in den jaare 1798. (In brieven).

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 68 )

zeker iets heiligs zijn , en hij die dat Sacramentgeniet is onheiliger, dan die het niet gebruikt. Hoe ftrookt dit te famen ? Ik meende , dat een Sacrament bij de Roómfchen altijd bij den gebruikmaaker iets heiligs uitwerkte , en hier &is

juist het tegengeflelde. Bij het befchouwen

der graven op deezen Kerkhof reezen gedachten der eeuwigheid op in mijnen boezem. — Hoe veclen liggen 'er hier, op welker graf heuvel men dit vers, uit de Mes/lade van den onvergelijkelijken Klopstock, wel mogt plaatzen:

Zaad van God gezaaid, om ten dage des Oogftes te rijpen tl

Hoe gerust fluimert hier het kind en den grijsaard , ouders en kinderen , vrienden en vijanden. Ik herinner mij hier eene fchoone plaats uit de liederen van Selma van Ossian:

'/ Slaapen van de dooden

Is een vaste jlaap — t Kusfcn, daar z' op rusten, Ligt in 'e diepfte ftof.

Ik geef U hier de vertaaling van den kundigen van de Kasteele , tevens met dien hartlijken wensch , dat hij fpoedig zijne vertaaling (zij is waarlijk een meesterltuk) van Ossian voltooië — Dan waar dwaal ik heên.

Ik moest U nu ook nog wat zeggen van den aart en het charakter der Inwooners van Helmond en andere Majorijënaars, doch dit fpaar ik, want mijn

brief