is toegevoegd aan uw favorieten.

De koophandel en het staats bestuur, beschouwt in hunne onderlinge betrekkingen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en het STAATS BESTUUR, enz. 165

ders zig fchikken naar het getal, 't welk aldaar kan gevoerd worden, zo zal die provintie onfeilbaar ontvolkt worden.

In eene provintie, waar bijna altijd overtolligheid is, zullen de graanen, mits al weder de binnenlandfche handel volkomen vrij zijnde, op alle markten na genoeg ten zeiven prijze verkogt worden, omdat, even als in het eerfte geval, dezelve daar zullen worden verkogt even eens als of zij op eene algemeene markt geveilt wierden.

Deeze provintie heeft volgens onze onderftelling alle buitenlandfchchandel verbcoden; zij kan derhalven geene graanen uitvoeren, de prijs van derzelver graanen zal dus laag zijn, en des te lager, naar mate dat men veel graan hebben en weinig zal behoeven.

Deeze overtolligheid lastig zijnde voor den bebouwer, welke geene meerdere graanen kan verkoopen , dan er nodig zijn, cn dezelve boven dien tot eenen zeer lagen prijs moet verkoopen, zal hij ophouden met werken , en een gedeelte van zijnelanderijen onbebouwt lasten leggen.

Hij zal hier toe zelfs genootzaakt zijn , om dat hij door de kleine winsten, welke hij van zijne graanen geniet, minder in ftaat is , om groote kosten ter bebouwing te maaken, te meer, om dat de daggelders, welke door den laagen prijs van het brood op eenen dag genoeg kunnen winnen, om twee dagen te kunnen leeven, niet zullen wilL 3 len

Zij is laag in eene provintie, alwaar de oogst altijd overvloedig is. — Dog de bebouwingverflapt.