is toegevoegd aan uw favorieten.

Kleine dichterlyke handschriften. Eerste(-twintigste) schakeering.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN DE EEUWIGHEID, tt$

Daar zal ik, dierbaarfte aller vrouwen,

Om wie my 't leven nog behaagt, In de eeuwigheid u weer aanfchouwen,

Waar niets ons duurzaam heil belaagt I Geen dood zal onze liefde hindren!

Geen bange zorgl 't is eeuwig vreugd! Geen tyd zal ons geluk vermindren!

Geen laster fmaalen op uw deugd! Ik zal u zien met heil omtoogen! Niet, lieve, met dees fterfiyke oogen;

Maar met een oog, u toebereid, 1 Een oog, gevormd voor de eeuwigheid.

Als my de flaap (luit in zyn boeijen, Dan komt gy dikwyls voor myn' geest;

Dan doet gy myne liefde groeijen; Ik wandel met u, onbevreesd,

Door lucht, en wolk, en (lerrenkringen, Tot voor den throon van onzen God:

Daar hoor 'k Elize liedren zingen, Of danken voor ons zalig lot:

Zoo, als in deeze zoete droomen,

Zoo zal ik namaals tot u komen, My mengen in uw feestgezang —> ó Dood! nu wacht gy reeds te lang,

H 2 Wan-