Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

318

t>. VAN hemert

diende, bragtenKANT tot onderzoek, waar van het Re< fultaatwas, dat, weliswaar, eene Bovennatuurkunde, zoo als zij tot dus verre beftaan had , zeer befnoeid werd, doch echter als wetenfchap kon optreden , zoodat, offchoon alle onze kennis van dingen op ervaring berust, en wij dus alleen de verfchijnfelen, en niet de dingen op zich zeiven kennen, wij echter in ftaat zijn, de dingen op zich zeiven als zoodanig te kunnen denken,en dus uit het wezen van ons denkvermogen, begrippen en grondftellingen af te leiden , welke zich in de ervaring laten toepasfen, en plaats laten voor een redelijk geloof omtrend het bovenzinlijke. Langs dezen weg kwam kant tot dc drie postulata der zuivere rede, die boven de ervaring en ondervinding verheven zijn , Gods beftaan, de vrijheid van den mensch, en de onfterflijkheid, welke dus geenszins moeten befchouwd worden, als voorwerpen van kennis, vatbaar voor betoog, maar als voorwerpen van een redelijk geloof, berustende op onderwerpelijke gronden van zedelijkheid, die wij nimmer kunnen prijsgeven. — Op deze grondflagen bouwde hij vervolgends de zedenlijke wijsgeerte , leidende dezelve te rug rot bovennatuurkundige beginfelen, en zuiverende het denkbeeld van pligt van alles, wat Empirisch i&i en dus van alle gevoel, hoe ook bijgenaamd, Hellende dus in plaats van" het beginfel van Gelukzaligheid een veel edeler geheel redelijk en vrij beginfel, waardoor de zedenleer verheven werd tot eene wetenfchap , die ons leert, hoe wij ons der Gelukzaligheid kunnen en moeten waardig maken. — Uit deze Verhandeling zal men, des twijfelen wij niet, zeer wel bekend worden met den geest der Kantiiianfche Wijsbegeerte. —

De tweede Verhandeling behelst eene lijst der Schriften van iMMANuëL kant, volgends den tijd, wanneer dezelve in het licht ziin gekomen, hier en daar , opgehelderd door Letterkundige berichten. — Vrij naauwkeurig.

De derde Verhandeling geeft ons bericht van de Lotgevallen der Critifche Wijsbegeerte bij onderfcheiden Fdken tot op den tegenweordigen tijd. — Na eene voorafgaande wederlegging van de befchuldiging, tegen kant, uit hoofde van het duistere van zijn ftijl, en gebruik eener nieuwe Terminologie, geeft hij'in'de eerfte plaats verflag yan den opgang , welken de Critifche Wijsgeerte in JJuitscnh.nd heeft gemaakt , waarbij^ooral de verdienfte van reinhold ter opheldering derzelve naar waarde

wordt

Sluiten