Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fc(5 BB HERSTELD!

voele aangedreven* 6, Gij roemrugte vaderen f van het Weleer zo moedig Rome J mij dunkt ik zie reeds uw gewijde fchimmenj Onrustig keeren zij uit de zalige gewesten, naar deze zugtende oorden weder. Ja, ginds wijst reeds uw vinger, ö groote, onfterffelijke Graccken! — Gij wijst, ontroerend, op de ketenen, die gij weleer, ten koste van uw eigen bloed, uw leven , zo grootmoedig durfdet verbreizelen. Ja, ach! die ketens klemmen thans, met een verdub' beid gewigt, om de handen uwer neeven. Die vuisten, welke weleer zo moedig het flagzwaard zwaaiden — helaas! zijn zij ontzenuwd . . 0 Doch, neen! her echt romeinfche bloed Itroomt nog door duizenden van zwellende aderen. Rust, rust dus vrij, o heilige verfcheidenen! Bij de helfche ftroomen en kwaaien van den Phlegeton zweer ik u, dat deze arm niet rusten zal, tot ik de dwingelandij, verplet, zie nederzinken... Dan , zagt... daar koomt Virginia I Dat ik mij tragte te bezadigen.

Sluiten