Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERGELEEKEN met de VOLKSBEGRIPPEN van dien TYD

' o5r

ken meer wysgeerig, als ik het zo noemen mag, en in het groote te befchouwen; zy begonden alzo bepaaider acht te geeven op het geheele beleid Gods met de menfehen , op de uitdeelingen van byzondere gunften, op de huishouding der wet en de inftelling van al het plechtige, zo als het den Eeuwigen en Onzienlyken waardig was. Nu zagen en leerden zy veele din¬

gen , die den Jood als Jood geweldig moesten mishaagen, en die ook by de vroegere Euangelie - prediking nooit zo regeiregt en met ronde woorden waaren aangeweezen als: i. Dat de befnydenis op zich zelve niets was; dat ook Abraham , noch om de^.e, noch om het plechtige Gods gunst bekoomen hadt; maar dat hem dit getuigenis reeds vroeger verleend was van wege zyne werken des geloofs. 2. Dat de aangekondigde oordeelen Gods over een iegelyk, die niet bleef in de woorden der wet, de geheele Mofaifche bedeeling eigenlyk maakten tot een voorfchrifc, 't geen eerder toorne werken moest dan de ziel bevredigen, daar de offerhanden flechts op kleine verbrekingen doelden, en het zondigen met opgeheeven hand geene genade te wachten hadt. 3. Dat van daar de Wet moest worden aangezien als een tuchtmeester, die alleen bedreigingen bezigde zo hy niet ten vollen werdt gehoorzaamd; en die van zelve moest doen uitzien naar uitgebreider bevattingen by allen , die de geneigdheid tot de duurzaame gunst des gebiedenden Opperheers niet geheel verlooren hadden. 4. Dat gevolgelyk de Jood,

vol-

Sluiten