Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

by de opkomst van mohammed. I47

geworden en in armoede geftorven was, te fiaapcn, meenende Gode daar door een byzonderen dienst te doen. Zie theophyl. L. VIL Cap. 6. Het kan ons derbalven niet vreemd voorkomen, dat diezelfde Keizer, toen hy door zulk een avregts ftaatsbeftuur, by 't welk de eene nederlaag voor, en de andere na den Romeinen beliep, aller gemoederen getergd had, en zoodanig gevloekt en gefcholden wierd, dat fommigen hem, volgens het verhaal van theophanes (pag. 187) openlyk in den Raad by den baard namen en om de ooren floegen, dat, zeg ik, diezelfde Keizer tot de uiterfte wanhoop verviel.

Dag en nagt door vrees en een knaagend geweeten gefolterd , leidde hy een zeer jammerlyk leeven; vreezende niet zoo zeer den dood als wel het toekomend oordeel, dat hy, door de ernftigfte poogingen van zich tragtte te wenden. Hiertoe bad hy God geduurig, dat hy toch de ftraffe zyner niisdaaden in dit leeven boeten, en, daar mede vrygelaaten, in de vreugde des toekomenden leevens deelen mogte. Om dit des te beter van God te verkrygen, ftelde die ongelukkige en zoo door en door bygeloovige man eenige gebeden en geloften op, waar van hy affchriften zond aan alle de Patriarchen, Bisfchoppen, en Monniken te Jerufalem, en aan alle kluizenaars in Syrien en Egypten, voegende daar by eenige gefchenken van geld, wafch en wierook, met verzoek, dat zy toch voor hem hunne vuurige gebeden ten hemel wilden opzenden , ten einde hy veel eer in dit dan in het toekomend leven geftraft mogte worden. Dit is hem vol-

T 2 gens

Sluiten