Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ INLEIDING.

individueele belangen van veelen, en wel de vermogendften, vrijwillig hebbe aangenomen , alleen uit een beredeneerd bezef van de duurzaame voordeelen, die dezelve der geheele maatfchappij zou aanbrengen ? Welke vroome bedriegerijen moesten de Wetgevers der Oudheid niet bezigen, om hun zamenftel van wetgeving door het Volk bekrachtigden ingevoerd te zien? —een zamenftel, dat nog altijd het voordeel hadt, van door één oorfpronglijk vernuft gefchapen te zijn. boven de latereStelzels, die altijd het merk van verfchillende handen droegen ? Verwonen ons de Gefchiedenisfen van alle Omwentelingen en Staatshervormingen niet overal de hand eener gebiedende noodzaaklijkheid, die aan de bevrijde Volken de wee voorfchrijft, en hun geene andere keuze overlaat, dan tot de voorige kluisters terug te keeren , of eene nieuwe orde te omhelzen, die, hoe fchijnbaar nadeelig dan ook voor indiridus, toch de zaaden van

alregeling, van welken wij thands eene Schets zullen aanbieden, en oordeele, of het onkunde —— dan wel iets anders was, 't welk de oprichting van dat ééne Gebouw, 't welk alleen op de a'angeno. men beginzels gegrondvest kon worden, den tijd van drie jaaren belet heeft.

Sluiten