Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de hoofdtrek van den waaren Digter. 939

En biedt haar fchetzende tafreelen : Thands tooit zij zig voor 't oog des Digtert In haar betoverende pracht.

Zóó ziet hij haar — en eensklaps fchihken i

In die gevoelvolle oogenUikken ,

De beelden in het fchoonst verband

Zig om hem heen, vol kracht en leven ;

Bekleeden zijn' gedachten; geven

't Bezielde ligchaam aan elk denkbeeld $

En brengen 't grootfche doel tot fland.

Ja, 't is der Mcnschheid wdard, verhevent En fchoon t gcftadg daar heen te jlreeven Waar zig der zinnen doel verliest; Waar Vindingkracht, op foute vlerken , Door zaamgepakte nevelzwerken, Onwederftaanbaar opwaard Jleig'rexd, Zig zelf een fpoor zukt, vindt, en kiest,l

Q »

Sluiten