is toegevoegd aan je favorieten.

Vaderlandsch woordenboek; oorspronklyk verzameld door Jacobus Kok, Twee-en-twintigste(-negen-en-twintigste) deel. K-M (-V).

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SONOI. (DIDERIK) 237

egter, hier toe kwam, bragt men de zaak ter ooren van den Prinfe; die, kort daar naa, tot antwoord fchreef, dat hij niet ongenegen was om sonoi van zijn Ampt te ontflaan, en vervolgens den Graaf van den berge in deszelfs plaats wilde ftellen. De Graaf van den berge was 's Priöfen Zwager, en, van wegen zijn karakter en gedrag, bij de Landzaaten, veelal , gehaat. Zo ras dan hadden de Staaten 's Graaven naam, als hunnen aanftaanden Stadhouder, niet hooren noemen, of zij verzoenden zich met sonoi; die voorts, met 'sPrinfen goedvinden, zijne waardigheid behieldt.

Sints de bemagtiging van Haarlem, door de Spanjaards, was men, aan de zijde der Staatfchen, meermaalen bedagt om eene zo gewigtige Stad den vijand wederom afhandig te maaken. In den Jaare 1575 nam men het ftuk met ernst bij de hand. Het plan, indien 't gelukken wilde, hieldt in, de ge** melde Stad, door het belemmeren van den toevoer van noodwendige leevens- en andere behoeften, uit te hongeren, en alzo te noodzaaken om van partij te wisfelen. Sonoi moest daar toe de hand leenen. Terwijl de Zuidhollanders zich van den Schans, op Halfwegen tusfchen Amjlerdam va Haarlem, bij het Huis ter Hart, zouden tragten meester te maaken, zou de Stadhouder van het Noorderkwartier het zo genaamde Barndegat, eenen Inham van het Y, tegenover Amjlerdam gelegen, tragten te bemagtigen. Indien men dit tweevoudig doelwit bereikte, zou de toevoer na Haarlem, zo wel langs het Y als over het Haarlemmertneir, geheel zijn afgefneeden. Reeds in den aanvang van de maand Maart des genoemden jaars maakte sonoi aanftal tot het volvoeren van ziju aandeel in het volwigtig werk. Binnen weinige dagen bemagtigde hij het Barndegat, wierp'er terftond eenen Schans op; en voorts in den Waterlandfchen Dijk een Gat hebbende doen graaven, bragt hij, door hetzelve, de Noordhoilandfche Galeien in hai Y. Thans zondt hij bevel aan die van Hoorn, om hem mes magt van fchepen te hulp te koomen^ Doch vermids men, aan dien kant, niet zeer voortvaarende was, en, daarenboven, de Amfterdammers hem, bij nacht en dag, te water en te lande, zeer veel werks verfchaften, vondt sonoi zich genoodzaakt, zijne Sterkte wederom te verlaaten, xeventien dagen naa dat hij dezelve bemagtigd hadt.

Tbans