Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JAARBOEKEN, Augustus, 1791. 1319

I itt. W. A'i'i de Edele Mogende Heeren GECOMMITTEERDENS tot de zaken van de OOST - INDISCHE COMPAGNIE ...wegens de Provincie HOLLAND.

EDELE MOGENDE HEEREN!

Uwe Edele Mogehdé vonden goed in de Maand January jongstleden te vorderen myne Confideratien op de gewigtige vraag, 'wélke middelen zouden behooren te Worderi aangewend om alle confufie te vermyden, die met zo veel reden moet worden geapprëhendeerd , van de tegenswoordige hopelooze toeftand van 's Compagnies zaaken.

Schoon de onafgebroken bezigheden san myhe Bediening gehegt, vooral in het tegenwoordig tydflip, my geheel moeiten doen ter zyde ftelkn de hoop, dat ik aan eene zo gewigtige taak op zodanige wyze als is. wel wenschte, zoude kunnen vol* doen ; heb ik egter myne uiterfte pogingen, hoe gebrekkig ook, daar toe niet mogen onttrekken, eri ik heb de eer, den unflag daar van; aan het hoog* wys oordeel van U Edel Mogende te onderwerpen;

Mogten dezelve in ëen gering gedeelte kunnen ftrekkèn, om te helpen bevorderen den welftand Van de Maatfchappy, en daar aan verknogte belangen van het lieve Vaderland aan UEd. Mogende met zo veel regt byzonder aanbevoolen, zoude ik de aangenaamite vrugten plukken van mynen arbeid. Ik heb de eer met de nederigfte gevoelens vari hoogagiino; en refpecl , te zyn ,

EDELE MOGENDE HEEREN!

(Onderftond) U Edele Mogende onderdanige eö zeer gehoorzame Dienaar, (Was geteekend) ■ S. C. NEDERBURGH. '«Gravenhage deh 7 Maart 1791.

Tttï CON*

AMSTELDAM.

Bylagen tot Rapport novens de Oostfndi/chêComp-,

Sluiten