is toegevoegd aan je favorieten.

Verklaaring over het Nieuwe Testament.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wn detöffatben. Hoofdjï. XVI: 12. 6$f

weeft was, en hen tot Christenen gemaakt hadt. Thans vermaant hem daarom de Aposcel, om zich , in zyne afweezenheid, na Corinthe" te begeeven , en, daarhy aldaar (Hand. XVIII: 26, 28) veele Jooden bekeerd hadt, met dit werk voort te vaaren ; alsmede, om hun onder het oog te brengen, dat het ongeoorloofd was, hem hooger te achten, dan Paulus, eenen Apostel.

Dan Apollos voldeedt aan dit verlangen van den Apostel niet; hy nam de reize na Corinthe, thans niet aan, dewyl hy dacht, dat hy voorzichtiger zoude handelen, zo hy terug bleef. Buiten twyfel vreesde hy, dat de verdeeldheid tusfchen zyne aanhangeren ea die van Paulus wederom vuur zoude vatten, en aan de Buitenlandfche Christenen tot groote ergernis ftrekken. Dit laatste begrypc Mosheim ook, bl. 1047. "Apollo „ —— fchryft hy — handelde als een verftandig ea

voorzichtig huishouder van Godts verborgenheden„ Wat voor onruft zoude 'er niet te Corinthe hebben ,, kunnen ontftaan, byaldien hyzich, indetoenmaa„ lige omftaodigheden der Gemeente, aldaar hadt laa,, ten vinden i Zyne weftpreekeffdheid zoude niet ,, groot genoeg geweeft zyn, om de verhitte partyea „ te veréénigen, en tot bedaaren te brengen; en de ,, party, die voor hem was, zoude uit zyne tegenwoor,, digheid aanleiding genomen hebben, omzichtever„ fterken. Hy verfchuift daarom zyne overkomft, tot „ dat de Brief van den Apostel de bedoelde werking „ zoude gedaan, en den vrede herfteld hebben. "

Om met de Broederen tot u te komen. Wat! UITX Taf. ahx^n hier zal betekenen , beken ik niet te weeten. Het komt my zeker voor, dat een Affchryver by verzinning deeze drie woorden uit het voorgaande vers herhaald heefc. In den Weimarfchen Bybel meent men, dat door deeze Broederen Stephanas , Fortunatus en Achaicus moeten verftaan worden. Dan dit worde zonder bewys gezegd. Van dit gevoelen was Hunnius en Lange ook, gelyk mede Millius , dienLENFANT, in Clericus zyne Bibliotbeque cboifte, T. XXI, pag. 99 fq. bondig wederlegt.

Maar by wilde volflrekt niet, *«} *dn»i •»» hb'&w***

VIII. Deel, T t fel