Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

225 HOLLANDS

ren 'er omtrent zes-en-deftig duizend flaaven, of meer, zoo mans als vrouwen, op de plantaadjen en in de huizen van Paramaribo.

Wat de vaart en koophandel door den aangroei van deze volkplanting moet gewonnen hebben, is ligt te begrijpen, als men gade flaat, hoe veele menfchen gebruikt worden tot het teelen van de vruchten dier landftreeke , betraande hoofdzaaklijk in fuiker, koffi, cacao, en katoen; dat die vruchten hier te lande overgevoerd en gefleeten worden , en daar tegen uit deze gewesten de noodwendigheden voor de in-en opgezetenen der volkplantinge bezorgd. Men heeft de voordeelen, welke daar uit voortvloeien op zulk een hoogen prijs gefteld , dat men dezelve zomwijl boven die der O. I. Maatfchappije gefchat heeft. Als men verder in aanmerking neemt, dat de ingezetenen van het vaderland voor niet minder dan vijftig millioenen guldens, (andere brengen die fom tot zeventig millioenen ) alleen uit hoofde van gehypothequeerde Plantaadjen, in de Colonie deelen, zal 'er aan 't gewicht en aanzien van deze volkplanting niet getwijfeld worden.

Men rekent, dat, geduurende het jaar 1775, in Suriname zijn aangekomen 54 fchepen , onder welken 'er tien waren die flaaven in hadden, en 2356 flaaven hebben aangebragt: dat 'er 63 fchepen van daar naar 't vaderland zijn vertrokken : dat deze fchepen achttien millioenen ponden koffi, vijftien millioenen en tweemaal honderd duizend ponden fuiker; zes honderd duizend ponden cacao; en honderd en vijftig duizend ponden katoen hebben aangebragt, behalven eenige andere waaren van minder waarde. Het voordeel, hetwelk de Scheepvaart enkelijk uit de vracht dezer goederen getrokken heeft, is op een millioen vier honderd en zestien duizend guldens begroot.

Sluiten