Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

516 HOLLANDS

zettinge van vreemde Volkplantingen fa); den in> vloed , dien de Maakelaars op den koophandel hebben, te beteugelen, en dit beroep voor ieder vrij te laaten, mits het bun verbooden ware, zelve handel te drijven, ten minfte niet in die waaren waarin zij als Maakelaars zouden handelen fi)* het fluiten van verbindtenisfen met de Ridders van Maltha waarbij deze zich zouden verbinden de ■ hollandfche fchepen in de middellandfehe zee met hunne galeien en fchepen te geleiden , op het eerfte gerucht van vredebreuk met de eene of andere Mogendheid van de kust van Barbarijen fc)- het onderhouden van een bekwaam getal oorlo'gfchepen m de middellandfehe zee (d) ; de zorg, om de holkndfche Gezanten van bekwaame Geheimfchrijvers. geboren Hollanders zijnde, te voorzien (e) - het aanftellen van Confuls en Faétooren in de zeeplaats fen, welke geboren Landgenooten zijn ff) f het beletten , dat de buitenlanders onder hollandfche vlaa: vaaren , en handel drijven onder geleende hollandfche naamen (g); het oprichten van een fonds tot onderhoud van bejaarde of gebrekkelijke zeelieden (A); het gebruiken van eenige jonge lieden mt de dichting van de Vrouw van Renswoude tot leermeesters der AdcJborftea op 's knds fchêpen van oorlog (,); het oprichten van genootfehappen om den handel, fcheepvaart en fabrieken aan te moedigen , gelijk men in Engeland en elders heeft gedaan enz. ( k),

Wij

(«) Ter aangeh. pï. nj. en nö

(b) Teraangeh pl. bl. ,05. (e') Ter aangeh. pi. bl 1 jt («) Teraangeh.pl. bl. 122. y °*

(e) Teraangeh.pl. bl. 123 eia 124

(*> Teraangeh.pl. bl. 152. en volg. '.

Sluiten