is toegevoegd aan je favorieten.

De kinderen mijner luimen; of Verhaalen en mengelschriften.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is GEVAARLIJK. cccxxxv

haar hart, het tweede haar' hoogmoed. Zij helt, als eene vrouw, die met den toon der groote wereld bekent is, al haar verhand te werk, gaat lachgend op hem aan, en zegt, zoo haast zij digt genoeg is om van hem verhaan te worden: „ niet waar, lieve overhe, de vrouwen hebben luimen, in dit oogenblik willen' zij 5 en in *t andere, oogenblik willen zij niet. Vraag toch, bid ik u, naar geene reden, waarom ik thans hier ben? ik weet 'er geene van te geven, als alleen een luim en een gril van mij. De hemel fchijnt beftoten te hebben, dat wij dezen morgen met eikanderen zullen wandelen, en derhalven verzoek ik uwen arm."

Met kloeke onbezorgtheid, en onder 't fpreken over onverfchillige zaken, ging zij vrolijk en onbedwongen een half uur lang met hem op en neder; maar toen begon de lucht te betrekken, cn Emilia nam met blijdfehap deze gelegenheid waar om van haren nételigen toehand ■ ccn einde te maken. „- Mijne groetc aan uwe vrouw," zeide zij, hapte in de koets en reed naar huis.

Het geval wilde, dat de oude vrijer, bij wien de o-raaf S . . . gëfpijst had, zich aan een aal-pastei een hevig kolijk had geëten. Dit hoorde de vreugde van den dag,- de. gastheer wLrd te bedde gebragt, en dc gasten gingen ieder huns weegs. De jonge graaf kwam reeds om elf uren 'savond te

huis,