Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De NEEVEN op de PROEF. 7

ladjj teazle.

Zij zullen, zo ik geloove, gansch geene onaartige vertooning maaken , wanneer hun oom zich eindelijk ontdekt ; ik ben reeds zeer begeerig om de vertooning te zien, welke zij dan opleveren.

clarisse.

Waarom dat ? — Ik wil u wel bekennen, dat ik niet weinig voor hun bedugt ben. Maar om welke reden toch heeft Sir Oliver den naam van Stanleij verkoren ?

l a d ij teazle.

Het beste middel, mijn lieve ! om. het hart van

iemand op de toets te brengen, is dat men

zich onder de gedaante van eenen ongelukkigen aan hem vertoone . . . Deze Heer Stanleij was een zeer na bloedverwant van hunne moeder, en een der eerfte kooplieden van Dublin. Dan daar een bankbreuk hem tot de uiterfte ellende gebragt heeft, wendt hij zich nu tot de Heeren Surface en Charles, en fmeekt hen om bijftand. Stanleij heeft hen reeds van deszelfs vertrek uit zijne geboorte-ftad , en den weg , dien hij nemen zal, genoegzaam verwittigt, zo dat zij nu elk oogenblik de verfchijning van eenen waarden neef te gemoet zien , die geen penning meer in de wereld

heeft ; eenen neef, die door zijne fchuldëi-

fchers vervolgd wordt, en herwaard komt , om te vraagen, wie van hun beide de edelmoedigfte wezen wil. En wat het laatfte betreft, dit zal, zo ik geloove, niet moeilijk zijn om te raden.

clarisse.

Helaas ! . . . wat wilt gij toch , dat Charles A 4 geven

Sluiten