Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

josua. 31

jehova aan josuii geboden hadt. — De ftad Al Hcefdfl. zelve werdt door josua verbrand, en tot een'^^ altijdduurende verwoeste puinhoop gemaakt, zoo als zij zedert dien tijd gebleven is.—Maar 29. den Koning van Aï liet hij aan een' ftaak ophangen , tot dat de avond viel; bij het ondergaan der zon, werdt zijn lijk, op bevel van josuii, van den ftaak afgenomen, en bij de ftadspoort van Aï geworpen, alwaar 'er een groote fteenhoop over werdt opgeworpen, die tot in volgende tijden daar te zien was.

Ten dezen tijde bouwde josuii, ter eere van 30. jehova, den God van Israël, eenen altaar op den berg Ebal, gelijk moses, de knecht van Ji. jehova, het den Israëliten geboden, en in zijn Wetboek fchriftelijk opgetekend hadt, eenen altaar van geheele ongehouwen fteenen, daar geen ijzeren werktuig toe gebruikt was, en op denzelven werden brand-offers, fiacht- en dank-offers, ter eere van jehova, geofferd. — Ook 32. deedt hij daar op fteenen een affchrift fchrijven van moses wet, die hij aan de Israëliten fchriftelijk hadt nagelaten. — Alle de Israëliten, met 33. hunne Oudften, Beambt-fehrijvers, en Richters ftonden aan weêrskanten van de [gewijde] kist, en de Priesters , uit den ftam Levi, die de bondkist van jehova droegen, zoo wel de vreemdeling als de inboorling, de helft daar van naar de zijde van den berg Gerizim, en de andere helft naar de zijde van den berg Ebal, zoo als moses , de knecht van jehova, geboden hadt,

om

Sluiten