is toegevoegd aan uw favorieten.

Enige bijzondere taalkundige aanmerkingen over de psalmen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*

( i°5 )

waar zeer duidelijk U-*~-o en tegen eikan¬

deren gefteld worden. Men vergelijke het geen de Heer Scheidius heeft aangetekend over nra? in zijne overzetting van Greens, Dichtftukken uit het Oude Testament, I Deel, bladz. 156 enz. Dit alles, om er niet meer uit den Arabifchen tongval bijtevoegen, bevestigt mij in de uitlegging van hun, die ifi» hier vertalen afgezonderd, dat is volgends den zin , beftemd te worden voor het fchimmenrijk. De rijke geweldenaars worden dus hier verbeeld, als ene grote kudde fchapen, die afgezonderd, worden uit het menschdom, om terwijl anderen blijven leven, in het fchimmenrijk aan den dood, als hunnen herder overgegeven te worden. Men zal intusfchen veellicht met den Heer Schroeder ter aangehaalde plaats bladz. 66 nog tegenwerpen, dat vrvi Pf. LXXXVI1I: 7 en W$ Pf. LXX1II: 9, in de betekenis van feilen voorkomt; dan in de eerfte dier plaatfen kan men 'Jna? voor 'jrra gevoeglijk van rnzf afleiden, en in de andere zou

men zeer gevoeglijk mf voor iPBf konnen lezen. Men

kan eindelijk nog dit opmerken, ten bewijze dat men althands hier niet wel aan de gewone betekenis van rw kan denken, dat dit verbum in kal altijd ene fgnificatio activa heeft, daar integendeel ons ene fgnificatio pasfiva

moet hebben, het welk juist ook met het gebruik van het Arabifche <J*-a" overeenkomt.

2.) De woorden rshxi cxvv\ behoren, naar mijne ?er dachte, bij eikanderen, terwijl ik voor nhf] leze hfart

in infinitivo kal, en het dau vertale; hunne gedaante of hunne heerlijkheid zal vergaan, -vs of "))S (want het verG s fchilt