Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

[Cl. BRIEF. a9

de zon losgefcheurd, rolt den rug des mijlen hoogen bergs af, en groeit, door het aankleven van de fbeeuw, waar over dezelve heen rolt, zelfs tot eene verbazende grootte aan. Hierop Itort hij, met vreeslijk geweld, in het dal, vult het op, begraaft ganfche dorpen , werpt dammen in de rivier en herfchept de geheele landftreek in eene ijswoestijn. Wee de plaatfen, die hij treft en wee den wandelaar! In eenen oogenblik is alles verloren, menfchen en kudden vee. Men noemt deeze verwoestende fneeuwballen Lauwinen , Lawinen , Leuinen of Schoulouen , en alles wat men 'er tegen doen kan, is, dat men, aan de zijden der bergen , muren bouwt, waar achter de reiziger loopen moet, op dat de Laue over hem heen fpringe.

Hoe gelukkig zijn wij, dat zulke gevaren ons niet dreigen, al moeten wij nu en dan eens voor wind en water vreezen. Merkt gij, waarom ik dit zee? Ik wenschte gaarne, dat gij mij bezocht.

KAR OLINA.

Cl. BRIEF.

WAARDE VRIEND!

Gij hebt gelijk, daar gij mij eenig berigt omtrent de vuurTpuwende bergen vraagt, dat gij 'er de aard. bevingen bijvoegt; want beiden hebben waarfchijnlijk denzelfden oorfprong. De aarde is naamlijk, op veele plaatfen, * holen opgevuld met allerleij metalen en brandbare ftoffen. Dezen komen meenigmaal, door velerleij oorzaken, die men niet allen doorgronden kan, in gesting en brand, doen dan de aarde daveren en zoeken eene uitkomst uit de gaten en open kruinen dier bergen, welken men

Kraters

Sluiten