Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2a Overeenstemming

maal (J.) zult verloochend hebben (L ) dat gij mij kent

ïo.(Mr.) Maar (M.>.Pctrus. zeide tot hem, (Mr) nog dies te meer, (M.) al moest ik ook met u ilerven, zoo zal ik u geenszins verloochenen; desgelijks zeiden ook alle de discipelen.

l i. (!"-.> En hij zeide tot hen: als ik u uitzond, zonder buidelenmaale, en.fchocnen, heeft u ook iets ontbrooken? En zij zeiden: niets.

12. (L.) Hij zeide tot hen: maar nu, wie eenen buidel heeft, die neeme hem, desgelijks ook eene maale, en die geen . heeft, die verkoopezijn kleed, enkoope een zwaard.

13 (L ) Want ik zeg u, dat nog dit, het ■ welk gefchreeven is, in mij moet volbragt worden, naamelijk: en hij is met de misdaadigen gerekend, want ook die dingen , die van mij (gefchreeven zijn) hebben een einde. 14.

Sluiten