is toegevoegd aan uw favorieten.

Onderwys in den godsdienst.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der openbaering. VIII. boek. 425

deeze arbeid der lievde niét onbeloond blyven , en eene meenigte van zonden bedekken t

Jac. V: 19 s 20.

Daer nu de verplichting, om onfen Naesten te ftichten , zo blykbaer is , mag men , naer de redenen , vraegen , waerom de Christenen , omtrent dit wichtig ftuk, doorgaens zo nalaetig zyn.

se. Zommigen denken , dat zy genoeg te doen hebben , met, voor hunne eigene zaeiigheid , te zorgen, zonder zich, over die

van hunne broederen , te bekommeren.

Maer zy bedriegen zich grootelyks. Is het niet eene uitdrukkelyke Wet van het Euangelie , dat wy elkanders zaeiigheid moeten uitwerken, Phil. II: 12 ? Kan men God lievhebben , zonder zich te bekommeren , over de uitbreiding van zyne eer ? Kan men zynen Naesten lievhebben , zonder er zich aen te laeten geleegen liggen, of hy fchaede lyde aen zyne ziel ? vermaent en vertroost men niet zich zelven , wanneer men anderen opwekt en bemoedigt ? Maekt men zich , wanneer men het eeuwig heil van zynen medemensch verönachtzaemt, niet gelyk, aen den haetelyken kaïn, die zeide, ben ik myns broeders hoeder , Gen. IV: 9 ?

0. Anderen verzuimen deezen allergewichtigften Lievdeplicht, uit lafhartigheid , vreefende zich de ongunst te zullen verwekken

x. dele. Dd 5