Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(36) •

daaruit, om dat nergens in de H. Schrift een enkel woord, fchyn of blyk gevonden word, waaruit wy zouden kunnen en moeten befluiten, dat Jefus Christus, de Heiland en Verlosler der Weereld, in het vleesch verfcheenen was, en mensch geworden is, op dat Hy van den dood zoude kunnen opftaan;maar wel, dat Hy daarom in het vleesch verfcheenen is, daarom in de weereld gekomen is, op dat Hy zoude kunnen flerven en door Zynen dood zondaaren zalig -maken, en van dood, duivel en helle verlosfen zoude. Dit is de leere des Bybels, dit is de leere van den Heere Jefus zeiven. Matth. 18: ir. Des menfchen Zoon is gekoomen, om zalig te maaken, dat verhoren is, en dat wel door zynen dood, volgens Matth. eo, 28. Des menfchen .Zoon is niet gekomen, dat Hy zich dienen laaie; maar dat Hy diene, en geeve zyn leeven tot eene verlosfmge voor veelen , en Mare. 10, 45, des menfchen Zoon is gekoomen op dat Hy diene, en geeve zyn leeven tot betaalinge voor veelen. Joh. 3, 16. God heeft zynen eeniggeboorenen Zoone vóór de weereld gegeeven; d. i. overgegeeven in den dood, gelyk by andere gelegenheden ten overvloede beweezen word. Op dit voetfpoor is dit ook de leere van den grooten Apostel Paulus Gal. 4, 4, 5. doe de tyd vervuld was, zond God zynen Zoon , gebooren van eene Vrouwe, en onder de wet gedaan, op dat hy de geenen, die onder de wet waren, verlossen zoude enz. Gal. 3, 13, Christus heeft ons verlost van den vloek der wet, toen Hy wierd een Vloek voor ons , want daar ftaat gefchreevcn: vervloekt is iederman , die aan het hout hangt. Hebr. 2, 14. Gelyk de kinderen vleesch en bloed hebben, zoo is Hy hetzelve desgelyks deelachtig geworden, op dat Hy door den dood de magt zoude neemen, dien, die des doods geweld hadde, dat is den duivel, enz. I Tim. I, 15. Dat is immers gewislyk waar, en een dierbaar waardig woord, dat Christus gekomen is in de weereld, om zondaars zalig te makev : en dit wederom door Zynen dood, Jiom. 5, 18. daaraan pryst God zyne liefde jegens ons, dat Christus voor ons gestorven is, toen wy nog zondaars waren. 1 Cor. 5, 21, God heeft den geepen, die van geene zonden wiste, voor ons totzon-

Sluiten