Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C « )

eeven zoo moet de voorzichtige Genees- of Heelmeefter , alvoorens hij de geneezing van eene ziekte of van een gebrek onderneemt, zich een vaften regel ter geneezing voorftellen.

Genoegzaam in alle ziekten en gebreken , koomt het , ter geneezing , voornaamelijk op de rechte kennis van den aart en de waare oorzaak der ongefteldheid aan , en het gebrek, dat wel gekend wordt, mag veilig meestal als half geneezen worden aangemerkt: Maar in vcrhoolcne ziekten of gebreken, dat is , in zoodaanige, waar van men den rechten aart niet kent, en welker oorzaaken men niet weet op te fpooren , valt het zeer bezwaarlijk om eene vaste Indicatie ter geneezing te maaken.

In zulke gevallen handelt men wijsfelijkst, wanneer men , naar de gefteldheid der Lijders, algemeene middelen voorfchrijft, en zeer naauwkeurig acht geeft , of de goedertierene Natuur zelve niet eenige aanwijzing doet, wat weg men hebbe in te liaan , op dat men nergens op een' doolpad geraake.

Vindt men ongeneeslijke gebreken of ziekten, dan zullen kundige Genees- of Heelmeefters nooit geneezing belooven , en daar mede de Lijders vleijen , wat anders zou hier van het gevolg zijn , dan verachting en befpotting ? daar in zuik een li 3 §<-■-

Sluiten