Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haak de mossklba aj.

zeer zwaar doorlijvig, waardoor zij 'zoo zeer afgemat wierden, dar. ik mijnen wagen aan eene hoogte ce rug moesc laacen, coc dac een dienscvaardige boer uic hec Eand der Houcniquas mee zijn fpan osfen mij ce hulp kwam.

Dichc beneden de landhoeve, welke aan de wesczijde der Kleine Zoute rivier ligc, en Geelbekdal heec, is een plek gronds, in zijnen omtrek omtrenc een half morgen hnds groot, die van gewasfen fteeds ontbloot, cn ten deele, als met rijp , bedekt is. Dc bewooners der omliggende ftreek houden i zulks voor falpeter ; maas inderdaad is het niets anders, daa, fijn keuken? Z0V!C. .— Een man , die 'er nabij woonde, merkte hec nis een zeker voorteken aan , dac het in \ kort regenen :zou, wauneer deeze rijp zich in eene aanmsrkiijkere hoéveelheid ver* toonde.

i De Mosfslbaal bezocht ik cc paard. ~— Qfr C'lioon deeze haven aa i de oostenwinden taamlijk blootgeftekl is, en , uitgenomen in geval van nood, door gesue fchepen bezocht worde, zoo zov zij echter in meer dan eenen opzigte zeer mistig kunnen zija, wanneer zij bekender werd. --r Ik vond aldaar eenen fteen, in welken het j*arftal 1752, de naam des fcheepskapiteins. swen* finger, en die van hec Deenfche Oostindifche fchip de Kroonprinfes gehouwen was. De inwooners' deezer landftreek verhaalden mij , dat her gemelde fchip in een' zwaaren ftorm derwaard gedreeven en aldaar geftrand was. Nadar ver■ fcheidene macroozen van hec fchip aan land waren gezwommen, en eenige dunne couwen, waarvan

Sluiten