is toegevoegd aan je favorieten.

Grondbeginselen der menschkunde.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i?o Grondbeginselen §• 13-

Dat, III. fommige Krankzinnigen zig buiten ftaat bevinden, om hunne Opmerkzaamheid op eenigen hunner Denkbeelden te vestigen, waar door de Ziel genoodzaakt is, dezelven, gelijk als een onophoudelijk voortvlietend Water, voorbij zig heen te laaten ftroomen ; zulks wordt waarfchijnlijk veroorzaakt, door een zeker foort van Ligchaamlijke Aandoening of Beweeging van die Gedeeltens der Hersfenen, alwaar deeze Denkbeelden zig bevinden. Dit fpel der Denkbeelden kan ook fomtijds bij gezonde Perfoonen plaats hebben, het zij zij waaken of flaapen; (tnen vergelijke hier mede Afd. VI. §. 22. tn 23. en Afd. XI. §. 14. No. II.) dog wanneer het zelve, bij eenen hoogen graad van levendigheid, geduurende eenen langen tijd aanhoudt, dan kan men dit voor een vrij zeker kenmerk van Krankzinnigheid opneemen.

Het gevolg van dit al te ver gaande Hersfen-fpcl, is, I. een Onvermogen der Ziel om dat geene te Denken en te Doen, het welk zij, bij een Redelijk overleg, zou begeeren. En, II. eene, uit de geduurige verandering der Gedachten voortfpruitende, veelvuldige

en