Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REIZEN. 23

eenen kleinen afïïand. Hier zagen zy eene Jonk ten anker leggen, op welke zy eene Sloep afzonden, om nadere kundfehap op te doen.

By hunne wederkomst verhaalden de afgezondenen, dat de Jonk met Ryst was gelaaden ; als mede dat de Indiaanen een gedeelte van dezelve wel aan hun wilden verkoopen. Dit verwekte eene algemeene blydfchap, alzo de onzen niets anders aan boord hadden dan hard brood en olie , welke dagelyks , by kleine portien , wierden uitgedeeld. Doch deeze vreugde was van korten duur. Want terwyl de Sloep wederom na de Jonk wierdt gezonden, met geld en koopmanfehappen , om tegen dezelve Ryst in te ruilen, wagtten de Indiaanen zulks niet af, maar zetteden hunne zeilen by en namen de vlugt. Gelukkiger flaagden zy by eene andere Jonk , van welke zy zo veel Ryst kogten, als , in den tegenwoordigen nood , genoeg was om den honger te ftülen.

De Gouverneur der Stad, midlerwyl, de aankomst der Hollandfche Schepen vernomen hebbende, zondt aan hun eene Praauw met acht Man, met een gefchenk, beftaande in een Bok, een Schepel Ryst, Kokosnooten, Hoenders, Limoenen en Pruimen. In vergelding van deeze niet onwelkoome vereeringe , befchonk de Admiraal de Indiaanen met eene El rood Karmozyn Karzay, een Boek Papier, en twee Ellen fmal Laken, waar mede zy wel voldaan na de Stad wederkeerden.

Door zulk eene gunftige bejegening uitgelokt, zondt de Admiraal den Opper-Koopman na land, om naaiden toeltand van zaaken nader te verneemen; en inzonderheid , hoedanige koopmanfehappen, te deezèr plaatze, en in andere oorden van het Koninkryk Paft 4 ta-

Sluiten